dialog 148815 640Hoogeveen, 21 juli 2020

Advies aan de informateurs

Aan:           Mw Sandra Korthuis en Dhr Johan Baltes
Van:           Frits Kappers
Betreft:     Gemeenteraad Hoogeveen

Geachte mevrouw Korthuis, geachte heer Baltes,

Graag maak ik gebruik van de gelegenheid die u inwoners van Hoogeveen biedt om ideeën aan te dragen, die u mee kunt nemen in uw besprekingen met de gemeenteraad. Als ik het goed heb is u gevraagd een analyse te maken van drie terreinen, politiek, bestuurlijk en financieel. Voorwaar een bijna onmogelijke missie in de korte tijd die u ter beschikking staat. Daarom zal ik mijn uiterste best doen om niet sceptisch, maar constructief te reageren op het verzoek om ideeën en suggesties. Voor de zorgvuldigheid vermeld ik hierbij nog dat ik volle openbaarheid van alle inbreng in deze van groot belang acht. Daarom zal ik de inhoud van deze brief via mijn weblog publiceren en aan de media doen toekomen.

De politieke situatie
De samenstelling van de gemeenteraad is het gevolg van de stemmingsuitslag bij de verkiezingen voor de gemeenteraden van 2018. De spelregels van de democratie zijn hierbij gevolgd en daarom valt er – in mijn ogen – niets aan te merken op die samenstelling. Over de samenstelling van het college vallen echter wel opmerkingen te maken.
Er is gekozen voor voortzetting van de in 2014 tot stand gekomen coalitie van CDA, ChristenUnie en Gemeentebelangen. Uiteraard is het belangrijk om te kijken naar de motivatie voor voortzetting van deze samenwerking.

  • Was deze gebaseerd op ervaringen uit de vier voorgaande jaren, in de hoop dat die een garantie waren voor de toekomst?
  • Is bij de samenstelling van het college gekeken naar de vraag welke samenstelling het beste paste bij de problemen waarvan men op dat moment wist dat die zich zouden aandienen, met name op het gebied van de jeugdzorg en de WMO?
  • Werden de wethouders benoemd vanwege hun inhoudelijke kwaliteiten op het terrein van hun portefeuille of hebben politieke motieven de doorslag gegeven? Mijns inziens is het laatste het geval geweest, waar het eerste wenselijk was.

In mijn analyse van de bestuurlijke situatie ga ik er dan ook van uit dat de wethouders die in 2018 werden benoemd niet op inhoudelijke geschiktheid voor hun portefeuille zijn geselecteerd.

De bestuurlijke situatie
Het nieuwe bestuur van Hoogeveen presenteerde zich met ronkende woorden en hoge ambities. De voorzitter heeft daarover in een nieuwjaarstoespraak gezegd dat Hoogeveen “hoge ambities moest durven koesteren en zich niet moest laten weerhouden door kritiek van hen die de zeis der middelmatigheid hanteren”. De ambities waren hoog en de bestuurders werden verblind door de wens om Hoogeveen te laten meegaan in de vaart der volkeren. Men droomde groots en was niet bereid daar een halt aan toe te roepen.
Door de schijnwerpers vooral op deze hoge ambities te laten schijnen (een wethouder zei zelfs dat het nieuwe plein voor de Hoofdstraatkerk “het mooiste plein van Europa zou worden”) verdween de sociale problematiek in de schaduwen. Iets wat in een breed college van links, midden en rechts zeer waarschijnlijk niet zou zijn gebeurd. De samenwerking zou een stuk lastiger zijn geweest, maar wie dat een bezwaar vindt, is mijns inziens niet geschikt om bestuursverantwoordelijkheid te dragen.
Uit het aftreden van wethouder Jacob van der Heide, de enige die – als wethouder – niets te verwijten viel, blijkt dat de samenwerking binnen het college niet goed was. Vrijwel onmiddellijk na zijn aantreden signaleerde van der Heide grote financiële problemen (waar hij overigens als fractievoorzitter in de raad geen oog voor had) en hij besloot niet weg te kijken. Dit leidde, in plaats van tot intensief overleg tussen de coalitiepartijen, tot het voorstel van het CDA om het college ‘on hold’ te zetten en een externe adviseur een advies te laten opstellen over de vraag hoe het nu verder moet.

Met de formulering van dat voorstel, heeft het CDA in bedekte termen het vertrouwen in het college opgezegd en daarmee de bestuurlijke kwestie gepolitiseerd. De pogingen van de CDA fractievoorzitter om het voorstel te duiden als ‘doen wat goed is voor Hoogeveen’ mislukten jammerlijk. Het heeft de verhoudingen binnen de coalitie bepaald geen goed gedaan, maar het CDA heeft er wel de tandeloze machteloosheid van de Hoogeveense gemeenteraad in alle duidelijkheid mee aan het licht gebracht.

 

De financiële situatie
Aangezien ik weinig deskundigheid heb op het gebied van financiën die een gemiddeld huishoudbudget te boven gaan, zal ik mij niet wagen aan een ander advies dan het navolgende. In een gemeente die van zichzelf naar eer en geweten wil kunnen zeggen een sociale gemeente te zijn dient het grootste deel van de zwaarste lasten op de sterkste schouders terecht te komen. De projecten die geleid hebben tot de huidige financiële situatie zouden in meerderheid ten dienste van diezelfde sterkste schouders hebben gestaan, niet ten dienste van de minima en de hulpbehoevenden. De hoge ambities hebben een hoge prijs gekost en weinig tot niets opgeleverd. Hoogeveen doet er goed aan te kiezen voor een de meerjaren-ambitie om een waarlijk sociale gemeente te worden.
Het staat voor mij buiten kijf dat de maatregelen die nodig zijn om het vet weer op de botten van de Hoogeveense samenleving te brengen uitermate vervelend zijn en door iedereen zullen worden gevoeld, maar zachte heelmeesters en nog meer stinkende wonden kunnen we er momenteel niet bij gebruiken.

Mijn advies
Mijn advies baseer ik op twee belangrijke doelen, die u – naar ik hoop – zult onderschrijven. Enerzijds moet Hoogeveen financieel weer gezond gemaakt worden, anderzijds moet het vertrouwen in de gemeenteraad als orgaan hersteld worden.
In mijn ogen kan dit slechts als de voltallige gemeenteraad de artikel 12 status aanvraagt, en pas na dat besluit tot samenstelling van een college overgaat (er van uitgaande dat de artikel 12 status wordt verleend). Dat college zou een breed minderheidscollege moeten zijn, dat intensief zal moeten overleggen met de gemeenteraad.

Voor de aanvraag van de artikel 12 status heb ik drie belangrijke overwegingen:
1- alle extra gelden die de gemeente kan genereren zijn van harte welkom;

2- de huidige oppositiepartijen zullen ongetwijfeld niet happig zijn om de verantwoordelijkheid voor het herstelprogramma van de coalitie over te nemen, aangezien een electorale afstraffing daarvoor een reëel gevaar is;

3- met de verkiezingen van 2022 in het vooruitzicht wordt de kans op verkiezingsgedrag bij de uitvoering van het programma van herstel – onder de voorwaarden die zijn verbonden aan de artikel 12 status – verkleind, iets wat dringend nodig is gezien de starre relatie tussen de diverse partijen.

Het minderheidscollege dient m.i. te bestaan twee partijen uit het politieke midden, te denken valt aan CDA en PvdA en twee partijen die meer aan de flank functioneren, zoals SP en VVD. Zij zouden dan elk één – inhoudelijk voor de betreffende portefeuille – geschikte wethouder aan moeten leveren. Dit minderheidscollege zal dan gedwongen zijn tot intensieve samenwerking met de raad, waardoor de raad weer kan leren om echte verantwoordelijkheid te nemen.

Uiteraard ben ik van harte bereid u verder mondeling toelichting op bovenstaand advies te geven en een eventuele uitnodiging daartoe zal ik dan ook zeker accepteren.

Rest mij tot slot slechts u veel wijsheid toe te wensen bij het vinden van een gezonde aanpak van de ingewikkelde vraagstukken die aan u zijn voorgelegd.

Hoogachtend,

Frits Kappers
Hoogeveen

Pin It